Haydn schittert

Arezzo Ensemble & Haags Vocaal Ensemble

o.l.v. Chris Pouw

m.m.v.
Marieke Steenhoek (sopraan)
Carina Vinke (alt)
Robert Buckland (tenor)
Matthew Baker (bas)

Programma:

W.A. Mozart:
- Ouverture Le nozze di Figaro, KV 492
- Mentre ti lascio, o figlia, KV 513, concertaria voor bas
- Non piu Andrai, uit Le nozze di Figaro, KV 492 voor bas
- Dies Bildnis ist bezaubernd schön, uit Die Zauberflöte, KV 620 voor tenor
- Vorrei spiegarvi, oh Dio ... Ah conte, KV 418, concertaria voor sopraan
- Der Hölle Rache kocht in meinem, uit Die Zauberflöte, KV 620 voor sopraan
  Pauze
J. Haydn:
- Missa in Angustiis, 'Nelson-messe', Hob. XXII-11 voor solisten, koor en orkest

Joseph Haydn (1732-1809) heeft in zijn lange leven enkele grote Europese oorlogen meegemaakt, waaronder op latere leeftijd de Napoleontische oorlogen. Het is dan ook niet verwonderlijk dat oorlog en de angst daarvoor een grote rol hebben gespeeld in enkele van zijn composities. Zo ook in de Nelsonmis, een opmerkelijk donker gekleurd religieus werk dat Haydn schreef in 1798.

Haydn had recentelijk zijn oratorium Die Schöpfung voltooid, een werk dat veel van hem had gevergd. Hij was uitgeput. Desondanks werd van hem verwacht dat hij voor de naamdag van Prinses Esterházy in september een nieuwe mis zou componeren, een locale traditie in Eisenstadt. Normaal had Haydn drie maanden nodig voor een mis, maar in 1798 had hij slechts iets meer dan een maand de tijd, een opmerkelijk korte periode. Naast de korte tijd die Haydn had voor het componeren van de mis, kreeg hij te maken met een andere tegenslag. Om de kosten te reduceren had Prins Esterházy het blazersensemble (Harmonie) ontslagen. Haydn maakte van dit ensemble gebruik bij eerdere missen. Haydn schreef de mis daarom voor strijkers, orgel, trompet en paukenist. Deze samenstelling geeft de mis zijn kenmerkende klank.
Haydn nam de mis in zijn catalogus op als Missa in angustiis, mis voor bange tijden. Dit was echter nooit de officiële titel van het werk. Haydn noemde zijn werk waarschijnlijk alleen Missa. De naam Nelsonmis is later aan het werk gegeven en verwijst naar de overwinning van Nelson op Napoleon in de zomer van 1798.

Voor de pauze worden enkele aria's ten gehore gebracht uit twee opera's van Wolfgang Amadeus Mozart (1756 - 1791). De eerste opera is Le Nozze di Figaro (Figaro's bruiloft). Op de trouwdag van Figaro en Susanna (knecht en dienstmeid van de Graaf en Gravin Almaviva) spelen zich vele intriges af. De graaf heeft een oogje op Susanna, de puberende page Cherubino heeft een oogje op de gravin, huishoudster Marcellina wil Figaro aan zijn belofte houden om met haar te trouwen als hij haar niet terug kan betalen, en de gravin wil de liefde van haar man nieuw leven inblazen. Uiteindelijk bedenken Figaro, Cherubino, de gravin en Susanna een valstrik om de graaf op zijn nummer te zetten. Vanzelfsprekend loopt dit niet vlekkeloos, en de graaf wordt uiteindelijk verleid door zijn eigen vrouw, vermomd als Susanna - een vermomming waar ook een diep geschokte Figaro aanvankelijk intrapt. Eind goed al goed; Figaro komt er en passant achter wie zijn ouders zijn, zijn bruiloft met Susanna gaat door, en de graaf ziet zich gedwongen, zijn vrouw om vergiffenis te vragen.
De tweede opera is Die Zauberflöte. Tamino gaat voor de Koningin van de Nacht op zoek naar haar dochter Pamina, die door Sarastro gevangen wordt gehouden. Tamino wordt daarbij vergezeld door Papageno die op zoek is naar een vrouwelijke wederhelft. Van de drie dames krijgen ze een toverfluit (voor Tamino) en een klokkenspel (voor Papageno) mee. Als Pamina gevonden wordt, blijkt Sarastro haar weliswaar gevangen te hebben, maar met als doel om haar uit de macht van haar moeder te redden. Haar moeder is alleen maar uit op macht. Sarastro daarentegen is de opperpriester van de Tempel van de Wijsheid. Hij laat Tamino, en later Pamina, een aantal beproevingen doorstaan om aan te tonen dat de liefde alles overwint. De Koningin van de Nacht probeert eerst nog haar dochter aan te zetten tot moord op Sarastro, maar het plot wordt ontdekt en zij wordt overmeesterd. Papageno vindt zijn bruid (Papagena) en Tamino wordt voor eeuwig verenigd met Pamina

Marieke Steenhoek
Marieke Steenhoek studeerde aan het conservatorium van Amsterdam bij Maarten Koningsberger en Margreet Honig en volgde lessen bij o.a. Jard van Nes, Valérie Guillorit en Noelle Barker. In 2006 behaalde zij de 1e prijs en de publieksprijs tijdens het 9e Deutekomconcours. Zij soleerde bij het Concertgebouworkest in de Nielsen-symphony o.l.v. Herbert Blomstedt en zong met het Amsterdam Baroque Orchestra & Choir o.l.v. Ton Koopman. In 2010 zal Marieke haar debuut maken bij De Nederlandse Opera in de wereldpremière A Dog's Heart van Alexander Raskatov.

Carina Vinke
De Nederlandse alt Carina Vinke treedt al sinds haar negende op in binnen- en buitenland. Zij studeerde aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag en aan de Nieuwe Opera Academie.
Vanwege haar bijzondere, warme stemgeluid en dramatisch talent, wordt Carina in de Internationale muziekwereld beschouwd als een veelbelovend zangeres. Carina heeft zich gespecialiseerd in het Spaanse liedrepertoire, tevens zingt zij oratoria, opera's en hedendaagse muziek en werkt zij mee aan diverse radio- en televisieprogramma's.

Robert Buckland
De tenor Robert Buckland begon zijn muzikale scholing als koorzanger bij de Regensburger Dompatzen. Hij studeerde in juni 2008 met onderscheiding af aan het Koninklijk Conservatorium, waar hij met Barbara Peason en Diano Forlano studeerde. In de afdeling voor oude muziek werd hij regelmatig gecoached door Peter Kooij, Michael Chance, Marius van Altena en Jill Feldman. Robert is momenteel lid van het Operastudio Nederland met optredens in producties van het Combattimento Consort en de productie "de zaak Hoffmann" met muziek van Jacques Offenbach.

Matthew Baker
Matthew Baker werd geboren in Sydney, Australië. Hij studeerde middeleeuwse geschiedenis aan de universiteit van Sydney. Hij verhuisde in 2000 naar Ierland om missen te zingen met het Choir of St. Patrick's National Cathedral, Dublin. In 2005 behaalde hij zijn Masters diploma Barokzang aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag, waar hij studeerde bij onder anderen: Michael Chance, Jill Feldman, Marius van Altena, Barbara Pearson en Diane Forlano. Matthew treedt regelmatig op in oratoria en opera's in de Benelux en Frankrijk.

Chris Pouw
Chris Pouw studeerde muziekwetenschappen aan de Universiteit van Utrecht en koordirectie aan het conservatorium van Amsterdam bij Daniel Reuss. Hij volgde orkestdirectielessen bij Jurjen Hempel en nam deel aan de 'Orkney Conducting Course' onder leiding van Martyn Brabbins met het BBC Philharmonic Orchestra en het Nash Ensemble en aan de 'London Conducting Workshop' onder leiding van John Farrer met 'The New Professionals'.
Meer informatie over Chris Pouw is te vinden op de website www.chrispouw.nl

20.00 uur, Oosterkerk
€ 15,00 / CJP € 7,50


                                                      Arezzo Ensemble & Haags Vocaal Ensemble