Porta-concert
o.l.v. Hans Noyens
In dit programma staan twee werken van Costanzo Porta centraal:
Missa Ducalis " trium chorum cum tredecim vocibus "
Lamentationes Hieremiae " quinque vocum parium "
met intermezzi door blokfluitiste Susanne Gersch-Bremmers.
Preludium blokfluit
Kyrie
Gloria
Intermezzo blokfluit
Credo
Intermezzo blokfluit
Lamentationes Hieremiae
Intermezzo blokfluit
Sanctus - Benedictus
Agnus Dei
Toen Porta tussen 1565 en 1569 de Missa Ducalis componeerde, was de wedergeboorte van de klassieke oudheid
al een tijdlang in volle gang en hadden de gedachten van het humanisme al behoorlijk geworteld.
Extravert en minder dogmatisch dan voorheen, streefde men naar een balans tussen mens, natuur en wetenschap.
Dat leverde tal van experimenten, ontdekkingen, utopieën, uitdagingen en nieuwe uitingsvormen op.
De humanistische mens had ontdekt dat zijn lichaam meer was dan een kerker die de ziel gevangen hield
en meer dan een lichaam dat de ziel van God afleidde door zijn gevoeligheid voor aardse lusten en dat
daarom gekastijd moest worden.
De humanistische mens leerde zichzelf kennen en waarderen als iemand
met oorspronkelijke gedachten en voelde zich als zodanig niet meer uitsluitend gehouden aan de collectieve
waarderingen en het collectief gedrag dat vooral door de kerk werd gedecreteerd.
De kerk schreef voor de
muziek ook een bepaalde componeerstijl voor die streng gebonden was aan regels en waarbij een uitgewogen
en complex stemmenweefsel bij de luisteraar het beeld moest oproepen van hoe het in het paradijs zou
kunnen zijn. Daarin waren begrippen als harmonie, perfectie en evenwicht bepalend.
De kerkelijke gezagsdragers waren daarin eenduidig en zeker sinds de Contrareformatie werd een
componeerstijl die afweek van de traditionele polyfone stijl niet op prijs gesteld.
Waarin is de componist Porta, feitelijk een traditionalist bij uitstek met zijn contrapunt dat
rechtstreeks is te herleiden tot dat van het grote voorbeeld Palestrina, dan toch een representant
van de Renaissance?
Op zoek naar nieuwe horizonnen schreven de componisten van de renaissance soms buitengewone
muziekwerken, voor ongewoon grote groepen en voor zeldzame stemmencombinaties. En het experiment van
een 3-korige mis met een cantus firmus (in canon) mag gezien worden als een verkenning van de mogelijkheden.
Porta wilde indruk maken: op de luisteraar, op zijn broodheren en ook op Duce Cosimo I de Medici en
zijn zoon Francesco, wiens namen bij voortduring in de cantus firmus klinken. Porta wilde nieuwe en
grootse beelden oproepen, en in de Missa Ducalis experimenteert hij zodanig met de cori spezzati techniek
en het contrapunt dat een ingenieus lineair lijnenspel ontstaat.
Twaalf stemmen van drie koren worden bijeengebracht, begeleid en geleid door de dertiende stem van de cantus
firmus in lange noten. In het Agnus Dei tenslotte voegt zich een veertiende stem (die van Francesco?) bij,
die de cantus firmus in canon brengt. Maar ondanks de complexiteit van het compositorisch bouwwerk,
blijft het resultaat overzichtelijk, helder en in evenwicht. (Hans Noyens)
14.30-15.30 uur, Oosterkerk
€ 10,00 / CJP 5,00